Geschiedenis Cavia

 

Als je aan honderd mensen mits geen dierenkenners of uitgesproken dierenliefhebbers  zou vragen of ze wel eens een cavia gezien hebben, zou het antwoord waarschijnlijk in vijftig gevallen ontkennend luiden. Het aantal dat zou verklaren ook nog nooit een Guinees biggetje gezien te hebben, zou wel geringer zijn, maar we schatten het toch altijd nog wel op vijfentwintig.Toch kent iedereen het diertje dat officieel deze beide namen draagt. Alleen..men kent het als 'marmotje'. Merkwaardig, dat die verkeerde naam blijft kleven!

 

Ter verklaring vertelt men het volgende verhaal.

Omstreeks het begin van deze eeuw vertoonden zich hier te lande herhaaldelijk Savoyaarden, die of schoorstenen veegden of orgels draaiden. De orgels waren zogenaamde buikorgeltjes, die u momenteel alleen nog maar in het Speeldozenmuseum in Utrecht kunt bezichtigen en op het orgeltje zat  als de baas een zekere mate van welgesteldheid had bereikt - een aap. Maar in die tijd  waarin men van dieren en hun behoeften eigenlijk maar weinig wist en er zich vooral nog minder van aantrok  vormde apen een kostbaar en vooral zeer kwetsbaar bezit en daarom hadden de minder gefortuneerde figuren een marmot, een echte alpenmarmot, op hun orgel. Die veroorzaakte echter ook weer bepaalde moeilijkheden, want hij hield een winterslaap en in de periode dat er niets te kijken viel, werd er door het publiek minder vlot betaald. Toen werd de cavia uitverkoren en die deed het onder alle omstandigheden, vooral als hij vertoond werd door een meisje van het zuidelijke type, dat wij zo graag als 'zigeunerin' betitelen en dat ook zonder haar marmotje het aanzien ten volle waard was. Of het waar is dit verhaal ? We zouden het u werkelijk niet kunnen zeggen, zo min als we met zekerheid vertellen kunnen hoe de naam 'Guinees biggetje' is ontstaan. Sommigen menen dat Guinees een verbastering is van Guyana, omdat dit een deel is van Zuid-Amerika waar de cavia vandaan komt. Anderen echter nemen aan dat een Hollander omstreeks 1580 een tiental cavia's uit Columbia heeft meegenomen bij wijze van kinderspeelgoed en van de kust van Guinea (West-Afrika) heeft overgebracht naar Europa. Inderdaad zijn er meer dieren die hun naam niet danken aan het land van herkomst, maar aan een havenplaats die schepelingen op weg naar Europa aandeden. Het meest waarschijnlijk is evenwel, dat de benaming 'guinees biggetje' of het Engelse 'Guinea Pig' afkomstig is van 'guinee'= 21 shilling. Het woord 'pig'(=varken) werd gegeven in verband met het knorrende geluid dat deze dieren maken.

Reeds in de grijze oudheid was de cavia bij de Inca's in het Zuid-Amerikaanse Peru als speeldiertje in zwang. In beroemde Ancongraven heeft men naast mummies van vorsten en edelen ook mummies van lama's, honden, en cavia's aangetroffen den de laatste werden, naar uit alles blijkt, in Peru reeds als huisdier en levend kinderspeelgoed gehouden, lang voor Columbus er voet aan wal zette in de vaste overtuiging dat hij Indië had bereikt. In die tijd was de cavia overigens nog niet zo bont van kleur als nu, maar kwam hij uitsluitend voor in bruin, geel en wilt. De in het wild levende cavia's zijn gespikkeld: hun vacht bestaat uit een mengeling van gele, bruine, witte en zwarte haren, maar als Guinese biggetjes in gevangenschap en op grote schaal worden gefokt, gaat de kleur van de vacht allerlei afwijkingen vertonen en bij kunstmatige teeltkunst valt de wildkleur tenslotte uiteen in verschillende kleuren en tinten. De oorspronkelijke cavia is gladharig en heeft een korte, glanzende, goed aanliggende, zachte vacht. De ruwharige of borstelharige cavia en de langharige of Angora-cavia zijn kweekproducten.

 

 

De aanschaf van een cavia

Als je van plant bent een cavia aan te schaffen moet je een aantal keuzes maken:

Wil je 1 of meerdere cavia's? Dit is een belangrijk punt bij het bepalen van het geslacht van de cavia die je aan gaat schaffen: neem je 1 cavia, dan is het geslacht in pincipe niet van belang. Maar als je 2 of meer cavia's wilt houden zul je hier goed over na moeten denken. Voor de cavia zelf is het natuurlijk heel leuk om samen te zijn met een andere cavia, maar..... als je 2 cavia's hebt, heb je hier wel meer werk aan: 2 cavia's eten en drinken meer, poepen en plassen meer enz....Denk hier dus goed over na!

Een mannetje of een vrouwtje? Als je 1 cavia neemt is het geslacht in principe niet van belang. Als je 2 of meer cavia's neemt, gaat het tussen vrouwtjes meestal wel goed. Over het feit dat het tussen mannetjes niet goed gaat, lees je erg veel verschillende meningen. Toch gaat het ook tussen mannetjes onderling heel vaak goed, maar het blijft een risico. Vaak levert het problemen op als 1 van de mannetjes een vrouwtjescavia geroken heeft, dan gaan ze vechten om het vrouwtje en ontstaan er problemen. Of het goed gaat tussen de mannetjes hangt ook nog van andere factoren af, bijvoorbeeld:


- Je hoort minder vaak dat het verkeerd loopt tussen broertjes uit hetzelfde nest die gewend zijn aan elkaar en vanaf het begin af aan samen in een kooi zitten.
- Vaak moeten de cavia's de rangorde bepalen, als eenmaal bepaald is wie 'de baas' is, houdt het geruzie op.


Als je besloten hebt dat je 1 of meerdere cavia's wilt en als bekend is of je 1 of meerdere beertje(s) of zeugje(s) wilt, dan is het belangrijk bij de aanschaf van een cavia bij een fokker of in de dierenwinkel op de volgende punten te letten:

Maakt de cavia een gezonde indruk? Dat wil zeggen: loopt de cavia door zijn kooi heen en weer, of zit 'ie met een gekromd ruggetje en de haren overeind zielig in een hoekje? Zijn de uitwerpselen van de cavia goedgevormd? --> de keuteltjes van een cavia zijn vrij langwerpig. Heeft de cavia geen plakkerige plekken of viezigheid om zijn anus?

Heeft de cavia een mooie gezonde glanzende vacht? De omgeving achter de oren en de onderkant van de voor- en achterpoten zijn in principe onbehaard. Op andere plaatsen mag de cavia geen kale plekken hebben! Heeft de cavia glanzende,schone, enigzins vochtige ogen? Ingevallen,droge of tranende ogen duiden op ernstige ziektes! De cavia mag geen plakkerige ogen en neusgaten hebben! Is de cavia niet te mager? --> een cavia is te mager als je de afzonderlijke wervels en ribben kunt voelen.

Controleer de tanden: Als je dat zelf niet kunt of durft, vraag dan of de fokker of iemand uit de dierenwinkel dit even wil doen: Open voorzichtig met wijsvinger en duim de mond, als je rechtshandig bent gebruik je hierbij je rechterhand: steun de nek van het dier langs achter, zodat je met duim en wijsvinger de mond open kan maken. Met je linkerhand steun je het bekken en de achterpoten van de cavia. Als beide snij- of knaagtanden van de bovenkaak, die van de onderkaak raken, dan staan deze tanden zoals het hoort en kan je cavia goed knagen, dat is heel erg belangrijk!! Niet goed afgesleten snijtanden zijn te lang en bemoeilijken de cavia voedsel op te nemen. Dat geldt vooral als de snijtanden van de boven- en onderkaak elkaar niet raken en langs elkaar heen groeien.

Ben je er zeker van dat de cavia gezond is?
Dan kun je de cavia meenemen en er heel veel plezier van beleven!

Hoe kan de cavia goed wennen? Zet de cavia in de ingerichte kooi. (meer hierover vind je op de pagina 'huisvesting') Laat de cavia een beetje met rust zodat hij aan de nieuwe omgeving en nieuwe geluiden kan wennen. Je hebt best kans dat de cavia in het begin nog wegkruipt onder het hooi, als de cavia zich wat meer op zijn gemak voelt zal hij de kooi gaan verkennen. Let op: maak geen drukke, onverwachte bewegingen bij het hok, maak ook niet veel herrie, hier kan de cavia schrikachtig van worden. Het is ook handig om het hok niet op de grond te zetten,maar wat hoger, dan komt alles niet zo bedreigend over voor de cavia.
 

 

Huisvesting

 

Plaats van de kooi

Een van de belangrijkste eisen van een caviaverblijf is dat het droog en vrij van tocht moet zijn. Tocht is de grootste vijand van de cavia. Zet het hok van de cavia dus op een tochtvrije plaats. Zet de kooi ook op een rustige plaats, dus niet op een plaats waar steeds langsgelopen wordt, of waar de kooi aan alle kanten vrij staat. De cavia is van nature een schrikachtig dier en stress kan ziekten veroorzaken.

 

Afmetingen en soort kooi

Hoe groter het hok is hoe beter het is voor de cavia. De absolute minimale maat voor een caviakooi voor één cavia is 60 bij 40 cm. Twee cavia’s kunnen in een kooi van ongeveer 80-100 bij 50 cm gehouden worden. De hoogte van de kooi moet 35-40 cm hoog zijn. Vanzelfsprekend geldt dat hoe meer cavia’s, hoe groter de kooi moet zijn. Bij de dierenspeciaalzaak zijn verschillende kooien voor cavia’s te koop. Er zijn kooien die geheel van plastic zijn en kooien met een plastic onderbak en een tralie bovenkant. Beide kooien hebben voor en nadelen. Voordelen van de geheel plastic kooi is dat de cavia beter tegen tocht is beschermd en dat het om de kooi heen minder rommel geeft. Ook kan de cavia niet knagen aan de kooi, wat bij een tralie kooi wel kan en soms erg irritant kan zijn (vooral als de kooi in de slaapkamer staat). Een nadeel van de plastic kooi is dat er geen deurtje in zit waardoor de cavia in en uit kan als hij los mag lopen. Zelf kan je natuurlijk ook een hok van hout maken. Voor binnenshuis is dit echter wat minder geschikt omdat het snel gaat stinken en minder makkelijk schoon te maken is.

 

De inrichting van de kooi

Op de bodem van de bak kunnen kranten gelegd worden. Op de kranten wordt dan een laagje zaagsel gestrooid en daar bovenop komt hooi. Een nadeel van kranten is, is dat de cavia de kranten kan gaan scheuren en opeten. De inkt van de krant kan slecht zijn voor de gezondheid van de cavia. Stro kan beter niet gebruikt worden omdat dit nogal hard is en de oogjes van de cavia kan beschadigen. Bovendien is hooi voor een cavia onmisbaar. Ten eerste omdat hij het eet en het nodig heeft voor een goede werking van zijn darmen. Ten tweede omdat de cavia de hele dag door hooi eet en  hierdoor bezig blijft en zich niet verveelt. Geef de cavia daarom elke dag een nieuw dotje hooi. Voor het voer is een voerbakje nodig. Hiervoor vind ik zelf de cementen (ronde) bakjes die breed zijn van onderen het meest geschikt (te koop bij de dierenspeciaalzaak). Deze bakjes kan de cavia namelijk niet omgooien en bovendien kan de cavia en er niet in plassen omdat ze te hoog zijn. Voor het water kan het beste een drinkflesje gebruikt worden. Cavia’s drinken best veel dus is het beter een niet te klein flesje te kopen. 

 

Extra voorzieningen in de kooi

Sommige cavia's kunnen in het begin erg schichtig zijn. Belangrijk is dat de cavia om leert gaan met zijn angst, je moet hem er dus mee confronteren. Doe dus niet te veel hooi in de kooi, anders kruipt hij er alleen maar in weg. Als een cavia eenmaal is gewend dan kan je heel veel hooi in de kooi doen, de cavia zal het toch plat trappen en er niet onder gaan zitten.

Jonge cavia’s vinden het leuk om te klimmen en je kan daarom ook allerlei hindernissen in het hok maken. Bijvoorbeeld een huisje dat aan de voorkant open is en waar de cavia ook op kan zitten. Ook kan er een grote koker in de kooi worden gelegd of opgehangen. Ik raad alleen wel aan om deze attributen pas in de kooi te maken als de cavia geheel gewend is en niet meer angstig is. Als de cavia nog een beetje angstig is dan zal hij er alleen maar in wegkruipen en zal hij zijn angst niet overwinnen.  

 

Loslopen

Cavia’s vinden het heerlijk om los te lopen en om op ontdekkingsreis te gaan. Vooral al ze met meer zijn is het heel leuk om ze bezig te zien. Ze lopen in een rijtje achter elkaar aan en als er eentje afdwaalt wordt er luid gepiept. Als je je cavia los wilt laten lopen, denk er dan wel aan dat de cavia een knaagdier is en dat hij dus aan dingen kan gaan knagen. Haal gevaarlijke dingen zoals elektriciteitssnoeren en giftige planten die op de grond staan weg. Ook kruipen cavia’s overal achter en maak de plekjes waar je niet wil dat je cavia achter gaat dicht. Cavia’s zijn bovendien ook niet zindelijk te krijgen en kunnen dus op sommige plekjes poepen en plassen. Vooral urine kan tapijt erg uitbijten. Leg dus op plaatsen waar de cavia veel zit kranten neer of laat de cavia alleen loslopen op een vloer die makkelijk schoon te houden is.  

 

 Cavia's buiten houden

Als je je cavia alleen in de zomer buiten wilt zetten op het gras, kan dat als het ongeveer 15 graden is buiten. In het begin kan je ze alleen overdag buiten zetten, als het ook 's nachts boven de 10 graden is dan kunnen ze ook 's nachts buiten blijven. Ze moeten weer binnengehaald worden als het beneden de 10 graden wordt. Cavia's kunnen in principe goed tegen kou. Ze kunnen dus ook het hele jaar buiten gehouden worden, mits ze daar aan gewend zijn. Een cavia kan natuurlijk niet zomaar als hij al jaren binnen heeft gezeten opeens naar buiten verhuizen in de winter! Een cavia die nog niet gewend is aan buiten leven, kan in de zomer buiten worden gezet en dan langzaam wennen als het kouder wordt. 

De plaats van het hok is wel belangrijk. Zet het hok nooit op een plaats waar de hele dag de zon op staat, want cavia's kunnen slecht tegen warmte. Ook kan het het beste op een luwe plek worden gezet (daar waar niet de wind vandaan komt). Als de cavia zowel overdag als 's nachts in het buitenhok zit dan moet er een nachthok aan zitten waar de cavia droog en tochtvrij kan zitten. Als het vriest dan moet het nachthok lekker vol met stro en hooi worden gelegd. Het drinkwater moet vaak worden ververst omdat het bevriest. Ruim restjes van groente snel op want als het bevroren is en de cavia eet er van dan krijgt de cavia diaree. Aan te raden is om een cavia die buiten zit altijd samen te houden met een andere cavia ten eerste omdat een cavia een sociaal dier is en ten tweede omdat ze dan in de winter warmte hebben van elkaar.

 

 

Verzorging

 

Eén cavia kan in een kooi met minimaal 0,7 m2 vloeroppervlak worden gehouden (op een tochtvrije en rustige plaats); voor twee moet men minimaal op 1 m2 rekenen. Cavia's zijn grote eters en eten de hele dag door. Er moet altijd droogvoer; korrels en nog belangrijker hooi klaarstaan en vers water. Kijk daarom altijd op de verpakking naar het vitamine C gehalte in het voer. Ook moet dit voer in een luchtdichte bewaardoos worden gehouden omdat anders de vitamine uit het voer verdwijnt. Een drinkflesje is handiger dan een drinkbakje want cavia's vervuilen hun drinkbakjes snel. Speciaal caviavoer bevat ook de noodzakelijke vitamine C. Het beste zijn normale (staafjes) korrels en geen gemengd voer. Dit vanwege de zaden in het voer, die niet geschikt zijn in een caviadieet vanwege het vele vet. Bovendien kan de cavia op deze manier ook niet uitzoeken en belangrijke voedingsstoffen laten liggen. Droog hooi is een belangrijk voedsel en moet constant aanwezig zijn. Ze vinden dit niet alleen erg lekker om te eten en op te liggen, ook trimt het hun tanden die continu doorgroeien. Of evt. gehakseld stro om in te liggen.

 

Een belangrijk deel binnen een goed caviadieet is de vitamine C. Extra groente (vitamine C-rijk) is een goede toevoeging boven zijn normale dagelijkse voer. Let er wel op wat ze krijgen, maar ook nog belangrijker de hoeveelheid. Beter af en toe kleine stukjes dan een hele paprika voor 1 caaf. Paprika, Peterselie, Witlof, Spruitjes en Kiwi zijn bijv. heel goed maar bijv. te veel kool (gasvorming) of te "natte" groentes (Sla, komkommer)kunnen bij te veel schadelijk zijn. Die laatste zijn meer geschikt in de zomer maar wederom niet te veel. Een tekort aan Vitamine C veroorzaakt ziektes bij de cavia (met vaak sterfte als gevolg). Vitamine C is ook als druppel of tabletvorm te geven, maar bij normale voeding als boven beschreven is dit niet nodig mits een dier ziek of zwanger is.

Cavia's zijn groepsdieren en worden helaas nog veel te vaak alleen gehouden of bij een konijn. Mannetjes (beer) kunnen prima samen gehouden worden, maar wel zonder vrouwtje erbij, anders gaan ze er ruzie om maken. Vrouwtjes kunnen goed met andere zeugjes of met een (gecastreerd) mannetje bij. Ze vinden het prettig als ze binnen de kooi ook een schuilhokje hebben waarin ze kunnen wegkruipen. Cavia's ruiken niet sterk; 1 ŕ 2 maal per week verschonen is meestal voldoende maar dit hangt mede af van het aantal cavia's per oppervlakte-eenheid en het bodemmateriaal. Houtsnippers voldoen goed. Ook kan er gebruik worden gemaakt van fleece met daaronder een (bad)handdoek. Dit moet wel regelmatig worden uitgeschud vanwege de zichtbare ontlasting. Nagels moeten bij sommige cavia's wel eens worden bijgeknipt als ze te lang worden. Je kan in hun nageltjes zien waar de 'ader' loopt, en tot waar je dus kan knippen. Bij zwarte nageltjes is dit niet zichtbaar en zal dus op ervaring of op een zaklamp gerekend moeten worden. Ook kunnen sommige dierenartsen dit voor je doen.

 

Jonge cavia's zijn al heel snel (4 weken) geslachtsrijp; aanbevolen wordt echter met fokken te wachten tot ze een maand of 5 zijn maar niet langer dan 10 maanden, omdat met name bij vrouwtjes na die leeftijd de symfyse van het bekken (de plaats waar de bekkenhelften elkaar van voren raken) vastgroeit en niet meer goed kan meegeven bij de geboorte van de jongen wat de kans op sterfte doet toenemen. Uiteraard is niet fokken nog beter, omdat er een groot caviaoverschot is. Maar ook is het af te raden omdat het voor de moeder erg pijnlijk is, en zelfs dodelijk kan zijn.

Langharige cavia's hebben veel meer vachtverzorging nodig dan een kortharige cavia. Voor kinderen is een langharige cavia af te raden. Een veelgehoord iets is dat je een kind er 'verantwoordelijkheidsgevoel' mee leert. Dit werkt niet bij alle kinderen zo. Een cavia behoeft regelmatige verzorging. Dit dient te allen tijde onder toezicht van de ouder te gebeuren. Cavia's zijn geen speelgoed en ze zijn lichamelijk erg kwetsbaar. Cavia's kunnen zich ook nauwelijks verweren zoals een kat of hond dit wel kunnen doen. Ze zijn overigens zeer meegaand van karakter en bijten eigenlijk nooit. Als de cavia opgepakt wordt, kan dat het best met twee handen waarbij het achterlijf wordt ondersteund. Wederom onder begeleiding want een val kan dodelijk voor een cavia zijn.

 

 

Voeding

Een cavia is een herbivoor. Het dier eet alleen plantaardig voedsel. Als basisvoedsel kan kant-en-klaar caviavoer gegeven worden. Een goed basisvoer bevat weinig zonnebloempitten, geperst gras en pinda's. Zonnebloempitten en pinda’s bevatten namelijk te veel vet. Geperst gras wordt door de cavia’s niet erg gewaardeerd en blijft daarom ook (te) lang liggen. Naast een goede kwaliteit basisvoer eet een cavia ook graag wat groente en fruit, zoals witlof, wortel, boeren-kool, andijvie en appel. Koolsoorten en sla kunnen beter in hele kleine hoeveelheden gegeven worden en alleen aan volwassen dieren. Cavia’s hebben namelijk een heel gevoelig spijsverteringsstelsel en te veel kool of sla leidt tot diarree. Zorg ervoor dat de cavia geen groenvoer krijgt dat niet vers is. Geschikte natuurlijke voedselbronnen zijn o.a. klaver, bladeren van paardebloemen, varkensgras en herderstasje. Cavia’s hebben veel behoefte aan ruwe vezels. Daarom dient er in de kooi altijd voldoende vers hooi aanwezig te zijn. Geef dit hooi altijd in een ruif en leg het niet op de bodem van de kooi, omdat het daar snel vervuilt. De cavia mag ook af en toe een schoon, onbespoten wilgentakje. Hier kan het dier aan knagen. De dagelijkse behoefte aan droogvoer is ongeveer 30 tot 35 gram per cavia en de behoefte aan water is ongeveer 50 tot 100 ml per dag.

 

De cavia is het enige knaagdier zelf geen vitamine C kan aanmaken. Er dient dus elke dag vitamine C gegeven te worden. Dit kan in de vorm van tabletjes of door druppeltjes vermengd door het drinkwater, maar het kan ook door iedere dag verse groente te geven met zo nu en dan wat fruit. Een volwassen dier heeft behoefte aan 20 mg vitamine C per dag. Opgroeiende en drachtige cavia’s hebben 40 mg vitamine C per dag nodig.
Een goede voeding heeft ongeveer de volgende analyse: 18-20% ruw eiwit, 4% ruw vet, 9-18% ruwe celstof en 45% koolhydraten.

 

Het drinkwater dient gegeven te worden in een drinkfles, die aan de buitenkant van de kooi gehangen kan worden, met de tuit naar binnen. Doe het droogvoer in een zware, stenen bak, zodat deze niet omgestoten kan worden.

 

Soms komt het voor dat de moeder haar jongen verstoot, of dat de moeder overlijdt tijdens de bevalling. De jongen dienen dan toch gevoed te worden. Dit kan door een pleegmoeder te zoeken, omdat moedermelk het beste is voor de jongen. Wanneer er geen pleegmoeder beschikbaar is, kunnen de jongen met de hand grootgebracht worden. Gebruik hiervoor een vervangende moedermelk, wat verkrijgbaar is bij de dierenspeciaalzaak. De melk dient op lichaamstemperatuur gegeven te worden (38,5°C). De slikreflex van de jongen is nog niet goed ontwikkeld, daarom dient het voeden heel voorzichtig te gebeuren. Gebruik een pipet of een spuit. De jongen dienen de eerste week iedere 2 uur gevoed te worden, ook ’s nachts. De dieren hebben dan genoeg aan 1 ml melk per keer. Na iedere voeding dient met een wattenstaafje, gedrenkt in lauw water, de buik van het jong gemasseerd te worden. Zo wordt de stoelgang gestimuleerd. Na een week worden de jongen om de 3 á 4 uur gevoed en krijgen de dieren 2 á 3 ml melk per keer. Hoewel cavia's al vrij snel vast voedsel gaan eten, is het toch van belang om de jongen zeker 2 tot 3 weken te voeden met vervangende moedermelk.

 

 

Ziektes

Wanneer weet je nou dat je cavia ziek is? Meestal valt dit op aan een veranderd gedrag. Hieronder enige symptonen van een cavia die mogelijk ziek is:
 

- je cavia is lusteloos

- hij/zij eet niet meer
- hij/zij zit stilletjes in een hoekje
- hij/zij heeft een doffe vacht
- de oogjes glanzen niet
- hij/zij maakt zich niet meer schoon en zal gaan stinken
- de ontlasting heeft een andere kleur of is zachter dan normaal

 

Als je cavia zich ziek gedraagt, ga er dan meteen mee naar een dierenarts. Hier een aantal ziektes die een cavia kan krijgen:

 

Coccidiose:

Dit is een ziekte veroorzaakt door een parasiet. Het tast het maag en darmsysteem van je cavia aan. Het is dus zaak dat je de coccidiose zo snel mogelijk uitroeit. Dit kan alleen met medicamenten van de dierenarts en het ontsmetten van hokken. De symptomen van coccidiose is zachte, donkere, bloederige mest en de cavia is algemeen ziek.

 

Diarree:

Het kan heel goed voorkomen dat je cavia ineens diarree heeft (bv. vanwege teveel groentes). Als het een dagje is, dan is dat niet zo erg. Geef dan een aantal dagen geen groenvoer meer en let er op dat je cavia goed drinkt en geef hem wat extra vitamine C. Als de diarree langer dan een paar dagen aanhoudt, ga er dan mee naar de dierenarts.

 

Gasvorming:

Door koolsoorten kunnen zich gassen ophopen in het darmkanaal. Dit kan niet weg en hoopt zich op. De cavia voelt zich daardoor behoorlijk beroerd en in het ergste geval kan de cavia hieraan overlijden. Dus geef nooit teveel kool (liever helemaal niet), en als er toch gasvorming is ontstaan, ga dan onmiddellijk naar de dierenarts!

 

Oorschurft:

Schurft zorgt over het algemeen voor verschrikkelijke jeuk. Ook cavia's worden helemaal gek en krabben aan de oren en schudden het kopje. Het vervelende van oorschurft is dat het besmettelijk voor andere cavia's is. Controleer dus ook de eventuele andere cavia's op oorschurft. En ga naar de dierenarts!

 

Schurftmijt:

Schurftmijt is de grootste jeukveroorzaker. Het veroorzaakt kale plekken in de vacht, mede door al het gekrab van het dier. Schurft moet echt behandeld worden. Doordat het zo jeukt vermagert de cavia ook nog eens, en dat maakt 'm alleen maar weer vatbaarder voor andere dingen. Schurft kan door de dierenarts vastgesteld worden, als hij een huidafkrabsel neemt en het onder de microscoop bekijkt. Het is met geneesmiddelen goed te behandelen.

 

Gebitsproblemen:

Gebitproblemen kunnenn ontstaan door een gebrek aan Viamie C maar er spelen ook erfelijke factoren een rol in. Een gezonde cavia eet iedere dag goed en wil graag knagen. Een probleem aan de snijtanden is makkelijk te zien. Haal maar voorzichtig de lippen van je cavia omhoog. Dan zie je 4 tanden, 2 boven en 2 ondertanden. Als er iets mis is kan je dat merken aan de eetlust van je cavia. De cavia WIL wel eten maar kan het niet. Het zal dus wel te vinden zijn bij de etensbak, maar kan het gewoonweg niet opnemen. Ook hoor je soms het dier tandenknarsen. Er kan ook een haakje aan de kies zitten, waardoor het in de tong prikt, dit bemoeilijkt het eten ook. Bij problemen aan de kiezen moet de dierenarts ingrijpen. De haakjes kunnen bijvoorbeeld onder narcose afgeknipt worden.

Luis of teken:

Baad de cavia met een medicinale shampoo, gebruik vervolgens een geschikt watertje of insectenpoeder dat via de dierenarts of de speciaalzaak te krijgen is. Raadpleeg in geval van inwendige parasieten de dierenarts.

Mijten:

De laatste jaren heeft zich een mijtplaag uitgebreid die 'Sellnick' wordt genoemd en erg pijnlijk en vervelend is voor de cavia. Het gaat gepaard met schurftachtige verschijnselen welke worden veroorzaakt door de mijt, die zich in de huid graaft en daardor niet met het menselijk oog te zien is. De mijt is niet schadelijk voor mensen. De schurftachtige
aandoeningen zijn meestal rond de nek en de schouders en spreiden zich van daar af uit. Het haar valt uit en er verschijnen pijnlijke open plekken. Het dier gaat in gezondheid achteruit en schreeuwt vaak van de pijn. Behandeling
moet altijd onmiddelijk plaatsvinden. Gebruik daarvoor een middel dat bij mensen voor de behandeling van schurft gebruikt wordt.

Oogverwondingen:

Cavia's rennen graag rond en kruipen in het hooi. Vaak
verwonden ze daarbij hun ogen als het hooi hard is. Het ooglid zwelt op en het oog wordt zelfs geluierd. Meestal is er dan een stukje hooi of hooizaadje in het vleesachtige vlies van het oog terechtgekomen. Als het voorwerp niet zichtbaar is, gebruik dan een oogzalf van de dierenarts of een oogzalf die uw dierenarts voor uzelf heeft aanbevolen. Het werkt verzachtend en zorgt dat het hooi of het zaadje tevoorschijn komt zodat dit zachtjes kan worden verwijderd. Het oog moet 2 keer per dag worden behandeld tot de sluier weg is wat
ongeveer 7 tot 10 dagen kan duren. In een worp pasgeboren jongen is het niet ongewoon, als er een jong bijzit met een compleet gesluierd oog dat met een van de genoemde middelen helder gemaakt kan worden. In dat geval moet de
behandeling driemaal per dag herhaald worden, totdat het geheel genezen is. Per behandeling hoef je slechts een klein beetje zalf te gebruiken.

Allergie:

Allergie komt vaak voor in de zomer en wordt gewoonlijk
veroorzaakt door stof en stuifmeel. Bij allergie loopt vocht uit de ogen van de cavia. Een effectief middel daartegen is een halve theelepel gewoon zout oplossen in een halve liter afgekoeld gekookt water. Met een oogdruppelaar wordt de oplossing 3 keer per dag op het oog aangebracht.Als het probleem na ongeveer een week nog niet is verdwenen is het waarschijnlijk geen allergie en kun je beter even de dierenarts waarschuwen.

Abcessen: Deze kunnen veroorzaakt worden door een klap of door een distel in het hooi. Gewoonlijk is rond de keel of wang een vrij harde massa te voelen en het is het beste deze met rust te laten. Een abces wordt steeds groter en zachter naarmate hij rijper wordt. Het dier moet van andere weggehaald worden en in een apart hok geplaatst worden. Barst het abces namelijk, dan likken de andere cavia's eraan en worden besmet. Wanneer een abces barst, dan komt er een vies ruikende massa uit. Veeg deze zachtjes weg en wat het uit met een zoutwateroplossing. Herhaal dit iedere dag, net zolang tot het vuil weg is. Magnesiumsulfaat kan worden aangebracht om het abces te dichten. Een gebarsten abces ziet er vaak alarmerend uit en in het vlees is een groot gat te zien. Het heelt van binnenuit als het goed schoon wordt
gehouden en dan is het snel genezen.

Uitgegroeide teennagels:

De nagels van sommige cavia's hoeven nooit geknipt
te worden, terwijl andere daarentegen regelmatig geknipt moeten worden. En dan voor aan de voorpootjes. Bij een lichtgekleurde cavia is duidelijk te zien waar geknipt moet worden, bij een cavia met zwarte nageltjes is dit lastiger.

Te lang of gebroken tanden, tanden wisselen:

Soms breekt een cavia een voorste snijtand, als gevolg van een val of door op gaas te kauwen. Zo'n tand groeit snel weer aan, omdat de cavia een knaagdier is, maar wel moet de
tand als deze ongelijk is, gelijk worden geknipt met een nagelschaartje. Als je dit zelf niet kunt of durft kan de dierenarts dat voor je doen. Is de tand geheel afgebroken of staat hij los in de kaak (sommige cavia's wisselen hun tanden) dan moet het dier een paar dagen zacht voedsel krijgen totdat de tand weer begint te groeien of vastzit. Zolang je ziet dat de cavia gras of hooi kan kauwen is het in orde, maar als dat niet meer gaat dan moet hij brood,melk, vochtige zemelbrij en beetwortel krijgen. Als een dier gewicht
verliest of lijkt te willen eten, maar dat niet kan, dan moeten de tanden worden bekeken of ze niet te lang zijn. De voorste snijtanden zijn altijd lang, maar als ze erg over de onderste tanden heen komen moeten ze worden geknipt.

Longontsteking:

Longontsteking is gewoonlijk een gevolg van slechte,tochtige
behuizing of extreme kou. Warmte is dan ook van het grootste belang. Verkoudheid en bronchitis kunnen eveneens voorkomen. Een druppel whiskey op het puntje van een vinger kan nuttig zijn. Ook een mentholwatertje of zalfje dat over de borst gewreven wordt kan helpen. Maar ook bij een long-ontsteking is voorkomen beter dan genezen!

Diarree of Verstopping:

Indien diarree het gevolg is van een verkeerd dieet en de symptonen niet naar een ernstigere oorzaak wijzen, kan gewoonlijk door minder groenvoer te geven de kwaal worden hersteld. Verstopping verbeterd door juist wat meer groenvoer te geven.

Verwondingen:

Als gevolg van bijvoorbeeld een vechtpartij kunnen
verwondingen ontstaan. Deze worden dan goed, maar heel voorzichtig gewassen met lauw water en nabehandeld met een antisepticum. Het haar moet rond de wond worden weggeknipt.

Enteritis is een fatale vorm van buikloop en tegen de tijd dat deze zich openbaart is het te laat voor een succesvolle behandeling. U moet oppassen geen schimmelig hooi te voeren, oude tarwe of verrotte korrels. Wortelen moeten nauwkeurig worden onderzocht om te zien of ze niet verrot of zacht zijn. Voedselbakken moeten daarom ook goed schoon gehouden en gewassen worden!

 

 

Rassen

Er bestaan veel caviarassen. Er zijn typen met verschillende kleuren en bonte vormen zoals eenkleurig, Hollander, schildpad. Maar er zijn ook typen met verschillen in de aard van de beharing.

 

Een lijstje met vachttypen:

- De Gladhaar: komt het meeste voor, de 'standaard' cavia met een gladde, korte vacht.

 

- De gekruinde cavia: een gladhaar cavia met 1 kruin, tussen de oren op het voorhoofd. Engels gekruind is de kroon in dezelfde kleur als rest vacht, Amerikaans gekruind is met een witte rozet

 

- De Borstelcavia: een cavia met kort haar in rozetten. Voor de show zijn 8 rozetten, gelijkmatig over het lichaam verspreid, gewenst.

 

- De Rexcavia: Cavia met kort, stug haar. Het haar staat recht overeind. Op jonge leeftijd moeilijk te onderscheiden van de tesselcavia.

 

- De US-Teddy: Cavia met kort, pluizig haar. Heel erg zacht, ziet er wel ongeveer gelijk uit als de rex, maar het verschil is direct voelbaar bij het aaien.

 

- De CH-Teddy: Zelfde structuur als een US-Teddy, maar de haren zijn langer waardoor de cavia letterlijk in een grote pluizenbol veranderd. Ruwharige cavia met haarlengte van 5 tot 6 cm.

 

- De Tesselcavia: Sheltie met lange krullen, liefst pijpenkrullen, over het hele lichaam. De tesselcavia bestaat ook met een kruin op zijn kop: dit staat bekend als de merino. tevens is er een variant met twee kruinen op het achterwerk, waardoor het haar naar voren groeit: dit is de alpaca.

 

- De sheltie: een langharige cavia zonder krullen, dus gewoon steil haar. Ook bekend met een kruin op het voorhoofd, dit is beter bekend als de coronet.

 

- De langhaar: ook bekend als de Peruviaan. Langharige cavia met twee kruinen op zijn achterwerk, waardoor het haar naar voren groeit en een typische kuif ontstaat. Gladhaar variant van de alpaca.

 

- De 'skinny pig': een cavia met een genetische afwijking, waardoor de cavia weinig tot geen haar heeft.

 

- Satijnharige cavia's, dit vachttype komt onder vrijwel iedere haarstructuur voor. De haren zijn ontzettend zacht en hebben een parelmoerachtige glans.

 

 

Foto's