1940-1945 in Vught

 

Zoals velen misschien weten heeft Vught in de oorlog 1940-1945 heel veel betekent en nog . Voor diegene die het niet weten hieronder een kort verslag.

Bron: Brabants Centrum (met dank)

 

 

Vught herbergde vele en velerlei gevangenen: vrouwen en kinderen, gijzelaars en veroordeelden, mensen die actief waren in het verzet en Joden, homofielen en politieke gevangenen. Vanaf het begin, januari 1943, tot de bevrijding, najaar 1944, zaten er 31.000 mensen voor kortere of langere tijd gevangen.
Een concentratiekamp was het, geen vernietigingskamp. Gevangenen hadden er overlevingskansen. Maar voor 12.000 Joodse mensen was het de eerste halte op weg naar
Westerbork en van daar naar Sobibor of Auschwitz.
En voor de familieleden en vrienden van de honderden gefusilleerden -in juli, augustus en september 1944 alleen al 317!- is Vught nog steeds de gruwelijke herinnering aan het zinloos lijkende verlies van een dierbare. Ook voor hen, die wèl overleefden, was het leven er zwaar. Zes dagen van de week moesten zij van 's morgens zeven tot 's avonds half zeven werken: in de schoonmaak-dienst, op de kampboerderij, op de stortplaats achter het kamp, in een omgebouwde barak, waar zij voor Philips productie- en reparatiewerk verrichtten. De levensomstandigheden waren erbarmelijk. Vooral in het begin was er gebrek aan alles. Vele gevangenen, vaak toch al met een verminderde fysieke weerstand, stierven. Door de aanwezigheid van Philips en door voedselpakketten van buiten -voorzover bewakers die niet leeg roofden- werd het leven er later wat dragelijker. Eens per veertien dagen mochten de gevangenen naar huis schrijven. Om te voorkomen, dat Nederlanders buiten het kamp weet zouden krijgen van de onbarmhartige behandeling, censureerden de Duitsers elke brief. Zij zijn in die opzet akelig goed geslaagd. De buitenwacht had maar een vage notie van wat er in kampen als Vught gebeurde.

 

De fusilladeplaats

Vught was meer dan een concentratiekamp. Het was ook de centrale fusilladeplaats voor Midden-Brabant en wijde omgeving.
Veel Nederlanders waren actief in het verzet: schrijven, drukken en verspreiden van illegale bladen als "Trouw" en "De Waarheid"; verbergen van onderduikers, Joden en geallieerde piloten; sabotage op duitse doelen; liquidatie van Duitsers en landverraders. De Duitsers bestempelden hen als staatsgevaarlijk; huisden "gewone" gevangenen in barakken, de "zware jongens" zaten in "De Bunker": donkere, geïsoleerde cellen, waar het overdag kunstmatig nacht en 's nachts dag was. Doel? Zij moesten geestelijk kapot!
Uit een persoonlijk verslag van een joodse man, voordat hij in de bunker werd opgesloten: "We werden uit de auto gesleurd en met onze neuzen tegen de muur geduwd. De beide SD-ers liepen naar het wachtlokaal, waaruit even later een paar SS-ers, gewapend met machinepistolen op ons afkwamen. Ze bleven achter ons staan. Hun commandant liep op ons af en gaf ons een dreun tegen het achterhoofd. Het bloed spoot uit onze neuzen. Ik hoorde, dat hij een aantal passen achter ons uitmat en de SS-ers opdracht gaf, zich op te stellen. Even later hoorden we het ontgrendelen van machinepistolen en opeens schreeuwde de vent: "Sie werden erschossen, Lumpe!" En toen tegen de SS-ers: "Achtung!" Terwijl ik bad, zag ik in de bebloede stenen opeens het bloedende gelaat van Christus. Ik zei nog snel tegen Ben: "We gaan naar de hemel, jongen!" Toen hoorden we heel duidelijk het aanleggen en richten van vuurwapens en weer klonk het snauwgeluid: "Eins, zwo!" Ik kromp in elkaar, wachtend op het "Feuer!", terwijl ik in Bens hand kneep. Maar op datzelfde moment brak er achter ons een onbedaarlijk gelach uit. Mijn SD-beul kwam vanuit het wachtlokaal op ons af. "Je moet dit maar als een generale repetitie beschouwen!" zei hij grijnzend." Eens per week was er appèl. De gevangenen werden uit de bunker gehaald, stelden zich in rijen op en moesten naam en kampnummer zeggen. De gegevens werden twee maal gecontroleerd. Soms selecteerden de Duitsers een aantal gevangenen, om hen af te voeren naar de fusilladeplaats, op weg naar de eeuwigheid. De achterblijvers gaan terug naar hun cel. Zij huilen. Zij verliezen een kameraad. En de volgende keer kan het hun beurt zijn! De fusilladeplaats ligt even buiten het kamp, in een rustig, afgelegen, bosrijk gebied. Toch horen de kampbewoners het schieten. En zij kennen de betekenis daarvan! Aangekomen op de plek, waar zij hun aardse leven zullen beëindigen, stellen de gevangenen zich naast elkaar op. Naam, nummer en reden van de executie worden voorgelezen. In koelen bloede voltrekken soldaten het vonnis.

Katja Schot   Margareta Gallinat
Aufsehering Katja Schot     Oberaufsehering Margarete Gallinat


De merkwaardige duitse "Gründlichkeit", die ook dit soort oorlogsdaden nauwkeurig administreert, zorgde ervoor, dat wij toch nog vrij veel namen van gefusilleerden kennen alsmede de afschuwelijke manier waarop de executies plaatsvonden. 21 juli 1944: 3 gefusileerd. Dien nacht zijn de lijken ter plaatse t.w. Lunette no. 2 van de voormalige legerplaats te Vught, blijven liggen. Daags daarna zijn er gewone schietoefeningen gehouden, waarbij aanvankelijk over deze lijken heen is geschoten. Later zijn ze ter zijde in het hout gesleept, vanwaar eindelijk de schavotkar ter crematie ze heeft opgehaald. 28 juli 1944: 12 gefusileerd. Eerst 4 en daarna 8 jongemannen. De fusillade had tussen licht en donker plaats en na het salvo stonden nog twee mannen ongedeerd en waren slechts gewond, die daarop met het M.Pi., d.i. het Mechanische Pistool het hartschot ontvingen. 4 augustus 1944: 10 gefusileerd. Voor deze fusillade vuurpeleton aangewezen, maar als een openbare vermakelijkheid trokken velen S.S. mede ter executieplaats. "19 augustus 1944. 2x 7 man doodgeschoten. 2e salvo zeer slordig. 1 man blijft staan. Twee pas aangebrachte burgers onmiddellijk dood voor executeering. Eén was in plusfour gekleed, als bagage had ook één der twee nieuw aangekomene bij zich een doos waarin overhemd en eenige boorden. In de week van 13-19 aug. vervoegde zich een burger bij den commandant der 5e Compagnie teneinde te vernemen of eventueel zijn zoon was gefusilleerd. Het antwoord luidde: 'Daar weten wij niets van' en 'ze deden dat hier niet'. Daarop is de 5e Compagnie geappelleerd en de mannen aangezegd, dat ondanks het verbod, toch naar buiten is gekletst en daarom nog eens opnieuw meegedeeld dat er aangaande executieën gezwegen moest worden en voortst dat de Hollandse Schüts-Staffel bij voorbaat niet meer voor dezen dienst tegenover Hollanders gebezigd zou worden." 22 augustus 1944: Vast aangesteld vuurpeleton. Kijkers verboden. De slachtoffers ondergaan half naakt de executie. Hun kleding zou naar Duitschland gezonden worden. Wel wordt nog ter plaatse het vonnis bekend gemaakt doch geen namen meer ter plaatse afgeroepen. De afstand tussen veroordeelden en schutters is 12 m. Toch wordt er slecht geschoten en blijven er nog altijd staan. 30 augustus 1944: 26 doodgeschoten. De leiding der executie berust bij de S.D." Behalve de administratie der fusillades hield de kampleiding een "Sterbebuch" bij. De overlijdensakte vermeldt de naam van de overledene, geboortedatum en -plaats, gegevens over de ouders, burgerlijke staat, beroep, tijdstip van overlijden. En de doodsoorzaak. Ten minste in het begin. Later, vermoedelijk als het aantal fusillades toeneemt, ontbreekt deze. Wel lieten de Duitsers, toen zij het kamp verlieten, een merkwaardig document achter: een register met namen van in het kamp omgebrachte gevangenen. Dr. Fischer stelde de dood vast. Standesbeamte Görgens ondertekende de overlijdsensakte. Maar ook hier ontbreekt de vermelding van de doodsoorzaak. Onder hen zijn ook Theodorus van Es en diens vader Johannes uit Kaatsheuvel. Hun precieze geschiedenis konden wij -zie Ter Inleiding- niet beschrijven. Vast staat, dat Theodorus als onderduiker in Kaatsheuvel door landwachters werd aangehouden. Theodorus alsook zijn vader en moeder verzetten zich. In de worsteling ging het geweer van één der landwachters af. Deze kreeg een schot hagel in zijn lichaam. Naar Waalwijk overgebracht, werden vader en zoon in het gebouw van de landwacht ernstig mishandeld. In Den Bosch werden zij aan de Duitsers overgedragen. Zonder vorm van proces kregen zij op 12 augustus 1944 de kogel. Onder hen ook
Henricus Joannes van Dijk uit Tilburg, die wegens anti-Duitse uitlatingen gearresteerd werd. Lid van een verzetsorganisatie was hij niet. Hij was wel anti-Duits. Op 11 augustus 1944 werd hij, samen met 13 anderen, gefusilleerd als represaillemaatregel op het vermoorden van een Duitse SD-agent in 's Hertogenbosch. Ja, Vught was meer dan een concentratiekamp. Veel Nederlanders werden er in de beste jaren van hun leven gefusilleerd. Om hun trouw aan medemensen, hun land, hun beginselen. Het is goed, dat Kamp Vught en de fusilladeplaats beide tot nationaal monument zijn geworden: ter herinnering aan een gruwelijke tijd, "opdat wij niet vergeten..."

Hierover en om niet te vergeten!! schreven ook Linda en Inge hun ervaringen en gedachten over hun bezoek aan  Kamp Vught op Papier.

Linda en Inge bedankt.

 

 

NATIONAAL MONUMENT KAMP VUGHT

 

Op 14 mei 2003 hebben alle derde klassen een bezoek gebracht aan het Nationaal Monument Kamp Vught. “Konzentrationslager Herzogenbusch” door de Duitse bezetter genoemd. Daar aangekomen kregen we te horen dat we de Fusilladeplaats en het Herinneringscentrum gingen bezoeken. Wij zijn eerst naar de Fusilladeplaats gegaan. Nadat we een kwartier door het bos hadden gelopen (waar de gevangenen ook liepen voordat ze geëxecuteerd werden) kwamen we aan bij het monument. Hierop staan alle namen van de mensen die in Kamp Vught overleden / omgebracht zijn. Er achter staat een groot kruis, die de overlevenden uit respect voor de overledenen hebben gemaakt toen het kamp gesloten werd. De stenen met de namen er op (die hier op de afbeelding te zien zijn) zijn niet de originele, maar de gerenoveerde van de in 1995 en 1996  bekladde stenen. Deze hebben ze eerst proberen schoon te maken, maar dat is niet gelukt. Ter herinnering van dit is er een gedicht  gemaakt:

 

 

 

Eten en eetgewoonten

 
Er werd veel honger geleden in het kamp. Als men binnen kwam in het kamp kregen ze een kop, borden en bestek. Tegen etenstijd moest je in een lange rij gaan staan en…er zat veel verschil tussen bijvoorbeeld de soep die de eerste en de laatste uit de rij kreeg. Soms keek men erg uit naar bijv. de vrijdag, want dan kregen ze koolsoep. Blijkbaar aten ze dus elke week hetzelfde.
Als de mensen die in het kamp zaten familie hadden, was het toegestaan om voedselpakketten van hen aan te nemen. Wel zaten daar enkele regels aan verbonden, zoals het maximale gewicht van 2.5 kg en er mochten geen etenswaren in zitten die gekookt moesten worden.

 

DSCN3373.JPG (18397 bytes)

 

 

Kleding en kledingvoorschriften


Bij aankomst moest je al je eigen spullen inleveren. Vervolgens werd je kaalgeschoren en kreeg je een nummer. De kleding die de mensen in het kamp aan hadden was een blauwgrijs/wit pak, wat bestond uit een broek, overhemd en een bijbehorende cap. Als schoenen kreeg men klompen. Als deze je te groot of te klein waren had je gewoon pech! Je moest ze dan zien te ruilen of er al die tijd op blijven lopen. 

Persoonlijke spullen


In het museum worden verschillende spullen van kampbewoners tentoongesteld. Wat ons is opgevallen, is dat al die spullen voor ons primitieve, eenvoudige dingetjes zijn. Zoals een (kapotte) pijp, lepel, kartonnen doosje. We gaan wat dieper op die laatste in.
Er was een gevangene die op 3 januari 1945 verrast werd met cadeaus. Tussen die cadeaus (waar je niet te veel bij moet voorstellen) zat een kartonnen doosje, die ze al die tijd bewaard heeft. Op alle zijdes ervan stonden de kampen waar ze is geweest. Zo’n klein dingetje heft zo’n emotionele waarde voor hen. Elke keer als ze erna keek herinnerde ze dat fijne moment in die vreselijke tijd.

Nadat we het museum bezocht hadden gingen we naar buiten. Hier is een maquette te zien die precies laat zien hoe het kamp is opgebouwd en ingedeeld. Een gids vertelde ons het een en ander hierover:

 

NATIONAAL MONUMENT HOUDT HERINNERINGEN LEVEND

Kamp Vught: stille getuige
van de oorlog

OP DE FOTO: Buitenterrein Kamp Vught.

Vorig najaar is het Nationaal Monument Kamp Vught vernieuwd en gerenoveerd. Het museum houdt op een klein deel van het voormalige concentratiekamp dat de nazi's in januari 1943 openden op de Vughtse hei, de herinnering levend aan de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog.

Een groot deel van het kamp is nog in oorspronkelijke staat en in gebruik als militaire kazerne, als gevangenis voor zowel zware delinquenten (EBI) als jeugdige criminelen (PI Nieuw Vosseveld) en als woonoord voor Molukkers. Het Nationaal Monument werd in 1990 in gebruik genomen door koningin Beatrix, nadat een in 1986 gevormde stichting mede onder aanvoering van de huidige directeur, Vughtenaar Jeroen van den Eijnde zich had beijverd voor een herinneringsplek op deze locatie. Het 'Konzentrationslager Herzogenbusch' was het enige concentratiekamp van de Duitse SS in Nederland en was ruim anderhalf jaar in gebruik.

 

 

BARAK

 

Tijdens de renovatie is een nieuw herinneringscentrum gebouwd en het kampterrein zoveel mogelijk in oorspronkelijke staat teruggebracht. Zo is een barak waar de gevangenen waren gehuisvest deels herbouwd. Ook het crematorium, waar de lichamen werden verbrand van gevangenen die in het kamp omkwamen of werden gedood, is daarbij in oude staat hersteld en voor het publiek toegankelijk gemaakt.

Wie vanuit de moderne ontvangstruimte het museum betreedt, wordt geconfronteerd met filmbeelden die nieuwsberichten uit de Tweede Wereldoorlog tonen: zowel de afvoering van gedetineerden als de voetbalwedstrijd Feyenoord–Willem II proberen een tijdsbeeld te schetsen. Na afloop van het filmpje valt een spotlicht op een kleine glazen vitrine waarin dagelijks een kalenderblad de bezoeker terugbrengt in de tijd. Vandaag (afgelopen dinsdag) naar 26 augustus 1943.

Elk kalenderblad bevat een persoonlijke herinnering van een van de oud-gevangenen. Deze dag een tekst van Joop Citroen die vanuit Vught naar Auschwitz werd gedeporteerd met zijn vrouw en zoontje en de oorlog overleefde: 'De ochtendappèls waren het ergst, vooral in het begin toen we ons nog niet aan het kampleven hadden aangepast. Een uur na het opstaan werden de gevangenen geteld. En o wee, als de telling niet klopte. Dan kon het appèl urenlang duren, terwijl we soms in de regen stonden te wachten'.

Na twee zalen waarin persoonlijke herinneringen aan het kampleven door ex-gevangenen uit diverse Duitse concentratiekampen tot leven worden gebracht, wordt de bezoeker naar buiten geleid. Barak 13B is voor de helft nagebouwd; op de andere helft is in de openlucht een betonnen maquette van het complete kamp gebouwd.

 

OP DE FOTO: Slaapzaal in barak.

 

 

BUNKERDRAMA

 

Hoewel de nagebouwde bakstenen barak zowel van binnen als buiten nieuw oogt en ook is, kan de bezoeker zich een prima beeld vormen van de omstandigheden waarin de gevangenen toentertijd verkeerden. De geblindeerde slaapzaal met houten stapelbedden haalt de wereldwijd bekende zwart-wit foto's van uitgemergelde gevangenen die werden aangetroffen toen geallieerde soldaten de Duitse concentratiekampen bevrijdden, levendig voor de geest. Een eindje verderop staat het crematorium, waar een groot deel van de 750 slachtoffers die in het kamp omkwamen of werden gedood werden verbrand. Hoewel in Vught geen massaverbrandingen plaatsvonden, doen ovens macaber aan. Net als de granieten snijtafel waarop op alle lichamen sectie werd verricht. Het verhaal van het bunkerdrama wat zich hier afspeelde in de nacht van 15 op 16 januari 1944, toen 74 vrouwen veertien uur lang in cel 115 werden vastgehouden, moet menigeen koude rillingen bezorgen die de krappe ruimte van negen vierkante meter betreedt. Stil wordt men bij het herinneringsmonument waarin de namen van 1.269 joodse kinderen zijn vastgelegd die vanuit Vught werden weggevoerd en de oorlog niet  overleefden. Maar dat geldt evenzeer voor de bezinningsruimte waar de namen van de overledenen uit het kamp zelf op de wanden zijn bevestigd. Een enkele roos of bosje bloemen toont dat zij nog altijd niet vergeten worden. Dat de verschrikkingen van toen nog immer tot de verbeelding spreken, tonen evenzeer de vele bloemen bij het herdenkingsmonument dat is opgericht op de fusilladeplaats, de voormalige schietbaan van het kamp in lunet 2, een van de vroegere verdedigingswerken rondom de vestigingstad Den Bosch.

 

OP DE FOTO: Oven in crematorium.

 

 

Zomerrondleiding
 
In het museum is naast de vaste tentoonstelling, waarin ook actuele vormen van vooroordelen, discriminatie en racisme een plaats krijgen, ruimte gereserveerd voor wisselende exposities. Deze maand is de tentoonstelling 'De oorlog op tafel' geopend waarin ruim veertig bord- en kaartspellen en legpuzzels te zien zijn die tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog werden gespeeld. Elk spel vertelt een eigen verhaal: over propaganda, haat, onderdrukking en gebrek, maar ook over bevrijding, feest en oranjegevoel.

Speciaal voor kinderen vanaf 8 jaar is een speurtocht ontwikkeld. Met een plakboek en opdrachten in de hand kan de jeugd meer te weten komen over het leven in een concentratiekamp.

 

OP DE FOTO: Gedenkmonument joodse kinderen.

 

Het Nationaal Monument Kamp Vught is van dinsdag tot en met vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur geopend; in het weekeinde van 12.00 tot 17.00 uur. De toegang is gratis. Meer informatie: www.nmkampvught.nl.

 

OP DE FOTO: Expozaal museum.

 

 

In 1943 kwamen de eerste mensen in het Kamp Vught terecht. Je kon echter nog niet echt spreken van een kamp, want er was nog niets. De gevangenen moesten het hele kamp van ongeveer 1 kilometer lang en 300 meter breed zelf opbouwen. Zij hebben hier in totaal ongeveer 1.5 jaar over gedaan. De gebouwen die horizontaal lagen waren de woonbarakken en die verticaal lagen waren de werkbarakken.

 

Het kamp werd ingedeeld in 3 kampen / reeksen. Aan de linkerkant zaten de vrouwen en kinderen. In het midden zaten gevangenen, die bijvoorbeeld in het verzet gezeten hadden. En aan de rechterkant bevonden zich de joden. In het midden van het kamp was een bunker. Dit was een soort gevangenis in een gevangenis. Er bevonden zich ook hondenhokken. Als de mensen in het kamp bijvoorbeeld te langzaam werkten, werden zij namelijk door de honden gebeten. Verder was er één crematorium in heel het kamp, waar alle overledenen werden verbrand.

 

We hebben ook een nagebouwde gevangenisbarak bezocht. Hier zag je hoe een grote groep in zo’n kleine barak moest overleven. Ze hadden bijvoorbeeld maar één toiletruimte, één ruimte om zich te wassen….Verder waren de bedden zeer klein, omdat er veel mensen in die ruimte moesten slapen. Hierdoor waren er stapelbedden die bestonden uit drie bedden.

Vervolgens gingen we naar het crematorium. Het was wel duidelijk dat alle mensen die daar overleden vermoord waren. Maar om te laten blijken dat het een goed kamp was, werden alle lijken omstebeurt op een lijktafel gelegd en werd er sectie verricht. Er kwamen dan allerlei verschillende doodsoorzaken aan het licht, maar geen moord….

Hier onder is een foto te zien van de lijktafel:

 

 

Als laatste bezochten we plaatsen waar het as van de verbrande mensen werd uitgestrooid. Zowel die van de kinderen als van de volwassenen.

De nagebouwde bunker, Cel 115, waar het bunkerdrama heeft plaatsgevonden was zeer indrukwekkend voor iedereen. Een van de vrouwen uit barak 23B werd opgesloten in de kampgevangenis (de gevangenis in de gevangenis). Veel vrouwen protesteerde hiertegen, waardoor de kampcommandant Grünewald 74 vrouwen liet opsluiten in cel 115. Deze cel was ongeveer 9 m² groot!! Ze zijn daar voor een dag opgesloten en toen de volgende dag bleken er tien vrouwen overleden te zijn.

 

 

Als laatste opdracht werd ons gevraagd om in de vorm van een korte tekst, een gedicht of een brief aan een overlevende van het kamp een indruk te geven over de dag. Wij hebben dit gedaan in de vorm van een brief:

 

Lieve……

Ik sta hier, nu, in kamp Vught!
Waar het bunkertrauma is gebeurd;
Waar 1269 kinderen in twee dagen weggebracht zijn,
waarvan de jongste zes dagen oud was.

Kamp Vught was niet zoals de andere kampen…bijna fijn zou je zeggen;
Maar als je binnen kwam werd je wel kaalgeschoren, je bezit werd afgenomen,
je had geen naam, maar een nummer, gewoon een NUMMER!

Daarna kon je aan het werk;
Hard werken op die lompe klompen, die niet eens je eigen maat waren;
Maar toen kwam Philips…..die een lichtpunt bracht, nee wat zeg ik nu, ik bedoel eten, betere bedden, warmte. Althans voor sommigen!

Ik sta hier, nu, in kamp Vught….
Ik sta een paar cm van het hek vandaan…
Ik kan de wachtpost rustig bekijken….
Ik kan hier staan en vrijuit spreken.….
Dit allemaal zonder neergeschoten te worden!!!

 

 

Voor de overlevenden:

Na ons bezoek aan kamp Vught hebben wij nog meer respect gekregen voor de overlevenden van de Tweede Wereld Oorlog en natuurlijk de overlevenden van kamp Vught, dan dat we al hadden. En we genieten nu nog meer van de kleine dingen in het leven voor jullie!
Voor alle overlevenden, maar ook voor alle slachtoffers.  

Linda en Inge, G3

 

 

 

 

Om het kamp heen liep een door de gevangenen gegraven gracht. Aan beide kanten stond prikkeldraad. Delen van de omheining hebben onder stroom gestaan. Om de honderd meter stond er een wachttoren. Er stonden bewakers op met mitrailleurs en schijnwerpers. De bewakers waren bijna allemaal Nederlanders, die de kant van de nazi's hadden gekozen. Drie wachttorens zijn herbouwd. Een deel van de omheining en de gracht is weer in de oude staat teruggebracht.

Op de foto: Een Canadese militair houdt de wacht bij de omheining van kamp Vught, net na de bevrijding van het Zuiden in september 1944. (Foto: NIOD)

 

 

 

Meer foto's van  concentratiekamp Vught 1940-1945

 

 

 

 

Gedeelte van het  concentratiekamp

 

 

 

Gedenkstenen van omgekomen gevangenen

 

 

Crematorium van het kamp.

 

 

Fussiladeplaats van kamp Vught