De tijger (Panthera tigris) is een zoogdier dat tot de familie der katachtigen (Felidae) behoort, een van de vier 'grote katten' die tot het geslacht Panthera horen. Tijgers zijn jagende roofdieren.

 

De meeste tijgers wonen in het bos (waarvoor hun camouflagestrepen geschikt zijn) en in grasland. Van de grote katten zijn de tijger en de jaguar goede zwemmers; tijgers kunnen vaak badend in vijvers, meren en rivieren worden aangetroffen.

 

Tijgers jagen solitair. Hun dieet bestaat voornamelijk uit middelgrote planteneters, vooral hoefdieren, maar als de omstandigheden dat voorschrijven, jagen ze ook op grotere prooien. Het is geen sociaal dier: de enige groepen bestaan uit moeder en welpen.

 

De tijger is een bedreigde diersoort die verspreid over AziŽ voorkomt. De enorme teruggang in aantal moet worden toegeschreven aan het steeds verder oprukken van de mens. Veel rustige natuurgebieden zijn daardoor verloren gegaan, terwijl de tijger een groot leefgebied nodig heeft. Verder is steeds minder groot wild voorhanden. En bovendien is de tijger vanwege zijn fraaie huid al meedogenloos achtervolgd. Ook zijn botten worden gebruikt. Andere doelen zijn lichaamsdelen voor medicijnen.

 

 

Ondersoorten

Tegenwoordig leven er nog zes verschillende ondersoorten:

 

- Siberische tijger (P. t. altaica)

- Noord-Indochinese tijger (P. t. amoyensis)

- Chinese tijger (P. t. corbetti)

- Sumatraanse tijger (P. t. sumatrae)

- Bengaalse tijger (P. t. tigris)

- Maleise tijger (P. t. jacksoni)

 

En zijn er drie ondersoorten uitgestorven

- Balinese tijger (P. t. balica) ("laatst gezien in 1937")

- Javaanse tijger (P. t. sondaica) ("laatst gezien in 1972")

- Kaspische tijger (P. t. virgata) ("laatst gezien in de jaren '50")

 

Al zijn er rond de Javaanse tijger nog veel geruchten dat hij op Java zou voorkomen en zouden er 4 tijgers gezien zijn tijdens de bosbranden op het eiland in 1997 al is dit niet bevestigd.

 

Deze indeling is op basis van uiterlijke kenmerken en verspreidingsgebied. Volgens DNA-onderzoek zijn de Kaspische tijger (P.t. virgata) en Javaanse tijger (P.t. sondaica) geen aparte ondersoorten. Volgens analyse van het mitochondriaal DNA van tijgers blijkt dat alle ondersoorten afstammen van een gemeenschappelijke voorouder die 72.000 tot 108.000 jaar geleden leefde.

 

De Siberische tijger is de grootste van alle katten. Hij kan tot 3 meter lang worden, exclusief de staart van 1 meter. Terwijl de Siberische tijger in gevangenschap welig tiert, is hij in zijn natuurlijk verspreidingsgebied nagenoeg uitgestorven. Vooral deze tijgersoort is uitermate bestand tegen klimaatuitersten. Hitte of strenge kou, het deert hem nauwelijks.

 

 

Gebrul en gehoor

Tijgers blijken infrageluid te produceren om rivalen uit hun territorium te verdrijven en om partners aan te trekken. Deze ontdekking, van Ed Walsh en een aantal collega's, uit Omaha (Nebraska) in 2003, verklaart wellicht hoe tijgers een groot territorium voor zichzelf in stand houden om te jagen. Tijgers produceren een veelheid aan geluiden, diep gebrul en gegrom, maar ook een schraapgeluid dat ze gebruiken om elkaar te begroeten. Een brul gevolgd door een grom wordt schijnbaar gebruikt om rivalen af te schrikken.

 

Uit het onderzoek blijkt dat het geluid dat tijgers produceren veel lage frequenties bevat. Lage frequenties dragen in de buitenlucht veel verder dan hoge frequenties, zelfs in de dichte bosgebieden waar de tijgers leven. Men claimt, maar dit is volgens Walsh niet bewezen, dat het geluid tot 8 kilometer ver hoorbaar kan zijn.

 

De meeste geluidsenergie wordt door tijgers gemaakt rond 300 Hz, met componenten daaronder tot zelfs onder 20 Hz. Dat de tijgers dit lage geluid ook zelf kunnen horen is door Walsh aangetoond. Hij bracht Siberische, Sumatraanse en Bengaalse tijgers onder narcose. Door het meten van de hersenactiviteit bleek dat tijgers het gevoeligst zijn voor geluid bij 500 Hz. (Bij mensen ligt de maximale gevoeligheid van het oor tussen 1000 en 2000 Hz).

 

De onderzoekers willen nu proberen of er van het geluid van de tijgers in het wild een akoestische vingerafdruk gemaakt kan worden, waarmee individuele tijgers gevolgd kunnen worden. Dit zou zinvol zijn voor het tellen van deze bedreigde dieren in het wild. Dierenoppassers uit dierentuinen kunnen hun tijgers aan het geluid dat ze maken herkennen.

 

 

Fotogalerij